Einde inhoudsopgave
Wet op het primair onderwijs
Artikel 126 Grondslag bekostiging lichamelijke oefening
Geldend
Geldend vanaf 01-08-2024
- Bronpublicatie:
18-04-2024, Stb. 2024, 109 (uitgifte: 30-04-2024, kamerstukken: 36478)
- Inwerkingtreding
01-08-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
06-06-2024, Stb. 2024, 154 (uitgifte: 12-06-2024, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Onderwijsrecht / Primair onderwijs
1.
Het college van burgemeester en wethouders stelt na overleg met de bevoegde gezagen van de niet door de gemeente in stand gehouden scholen het aantal uren per week vast dat per groep leerlingen ten hoogste:
- a.
ter beschikking wordt gesteld in een ruimte voor het onderwijs in lichamelijke oefening, of
- b.
voor bekostiging voor de exploitatie van een ruimte voor het onderwijs in lichamelijke oefening in aanmerking komt.
2.
Het aantal uren, bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld op ten minste 1,5 uur voor basisscholen en ten minste 2,25 uur voor speciale scholen voor basisonderwijs.
3.
Het college van burgemeester en wethouders stelt de hoogte vast van:
- a.
de bekostiging, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, en
- b.
de bekostiging voor de vaste kosten van de exploitatie van een ruimte voor lichamelijke oefening waarvan de eigendom berust bij het bevoegd gezag van een niet door de gemeente in stand gehouden school.
4.
De hoogte van de bekostiging, bedoeld in het derde lid, kan verschillend worden vastgesteld, afhankelijk van de oppervlakte van de ruimte en of de ruimte mede wordt bekostigd door het Rijk.